Burn-out en overspanning: hoe subtiele jeugdervaringen je herstel beïnvloeden

Geschreven door Marloes Timmers

Een groot deel van je patronen doe je al vroeg in je jeugd op. Zeker als er nare dingen in je jeugd zijn gebeurd, is dat heel herkenbaar en goed te begrijpen als je terugkijkt.

Deze blog is speciaal geschreven als je kampt met burn-out of overspanning en je niet goed snapt hoe je je patronen hebt opgedaan: je hebt geen traumatische jeugd gehad en groeide op in een liefdevol gezin. Je hebt veel mooie herinneringen, ervaringen en manieren van je ouders meegekregen. Toch merk je dat je niet-helpende patronen hebt.

Hoe kan dat?

Het antwoord ligt vaak in de subtiele boodschappen die je als kind hebt meegekregen – vaak onbewust en zonder dat iemand daar kwaad in de zin had. Deze kleine ervaringen vormen overtuigingen die je nu, als volwassene, in de weg kunnen zitten.

Waarom inzicht in de oorsprong van jouw patronen cruciaal is voor herstel bij burn-out

Als je herstellende bent van een burn-out of overspanning, is zo’n periode opnieuw meemaken het laatste wat je wilt en vaak ook je grootste angst. Dit. Nooit. Meer. Om niet opnieuw terug te vallen in het oude patroon waarin je jezelf nét staande houdt, maar om je burn-out te gebruiken als startpunt om een beter leven te creëren dan voorheen, is het nodig om je diepgewortelde patronen te veranderen. Juist díe patronen hebben je in deze situatie gebracht. Als je die niet verandert, kan je fysiek wel herstellen, maar val je al snel weer in dezelfde valkuilen. 

De kans is groot dat jij wel een aantal niet-helpende patronen bij jezelf kan opsommen, zoals: geen grenzen kunnen aangeven, pleasen, altijd maar doorgaan, jezelf op de tweede plek zetten, je gevoel negeren enzovoorts… Hoewel het belangrijk is om dit bij jezelf te herkennen, wil het echter niet zeggen dat je ze dan ook kan veranderen. De eerste stap om deze patronen daadwerkelijk te kunnen veranderen, is om te weten waar ze vandaan komen. En juist dát is soms erg lastig.

Hoe ervaringen in je jeugd patronen worden

Iedereen doet in zijn leven patronen op. Wij mensen automatiseren heel veel gedrag op de ‘automatische piloot’. Als we dat niet doen, zouden we overal over na moeten denken en hadden we ons als soort nooit zo ver kunnen ontwikkelen. Met andere woorden: het heeft ons doen helpen evolueren en overleven.

Een patroon dat in het hier en nu getriggerd wordt, heb je vaak al vroeg in je leven opgedaan. Dat patroon heb je niet voor niets ontwikkeld; het heeft je ooit geholpen om ‘te overleven en ontwikkelen’. Dat klinkt wat overdreven. Maar iedereen heeft – hoe perfect je jeugd ook was – als kind bepaalde manieren opgedaan om goed in je gezin te functioneren.

Kinderen zijn heel gevoelig voor de signalen van hun ouders- en jij dus ook

Als kind ben je van volwassenen afhankelijk voor liefde, veiligheid en de eerste levensbehoeften. Vaak zijn dit je ouders. Biologisch gezien is één van de prioriteiten van een kind om hierin te voorzien door de relatie met de ouders veilig te stellen, omdat je als kind zelf nog niet in die levensbehoeftes kan voorzien, maar je ouders wel. Dat betekent dus dat je als kind heel gevoelig bent voor de voorkeuren van je ouders en dus veel in het werk zal stellen om daaraan te voldoen.

Je weet als kind onbewust al snel welke voorkeuren je ouders hebben qua gedrag, doordat ze bepaalde gedragingen stimuleren en andere afwijzen. Soms wordt dat met woorden gedaan, maar nog veel vaker krijgen we de informatie non-verbaal tot ons. Onze ouders hoeven dus niet per se die boodschappen vaak te hebben herhaald om toch te weten wat wel en niet gewenst was. 

Om aan hun voorkeuren te voldoen en de relatie met je ouders veilig te stellen, laat je dus vaker gedrag zien dat zij prettig vinden of gedrag dat in de situatie noodzakelijk was. Dat doet ieder kind. Misschien kreeg je net wat meer aandacht als je behulpzaam was, of werd zelfstandigheid stilletjes aangemoedigd. Misschien vonden je ouders het lastig om om te gaan met verdriet en leerde je die al snel bij jezelf te houden. 

Als je dat gedrag vaak genoeg herhaalt, wordt dit een patroon. Zonder dat je het wist, ontwikkelde je patronen om ‘goed genoeg’ te zijn in de ogen van de mensen om je heen, maar ook in jouw eigen ogen. Gedrag zoals hard werken, jezelf wegcijferen, anderen helpen ten koste van jezelf of perfectionisme werden strategieën om de relatie met je ouders veilig te stellen en dat gaf je als kind onbewust een rustig en veilig gevoel.

Maar nu, jaren later, kunnen diezelfde patronen ervoor zorgen dat je jezelf voorbijloopt. Wat ooit hielp om je geliefd en veilig te voelen, kan nu juist de oorzaak zijn van stress, overspanning of burn-out.

De waarheid voor jou als kind

 

Soms is de verbinding met de belangrijke volwassene even kwijt; dat is onvermijdelijk en heel normaal. Als ouder kan je namelijk nooit altijd beschikbaar zijn. Bovendien zijn het ook maar mensen: mensen met hun eigen levensverhaal, kwaliteiten en uitdagingen. Wanneer de verbinding met een ouder even kwijt is, is dat voor een kind heel erg spannend. Het kind betrekt dit nooit op de ouders. Dat zou namelijk betekenen dat het kind moet toegeven dat zijn/haar ouders misschien niet zo goed voor hem/haar kunnen zorgen en dat aan de eerste levensbehoeften niet kan worden voldaan. Voor een kind is dit idee te eng. Daardoor zal een kind onbewust zichzelf altijd de ‘schuld’ geven van deze (korte) verbreking van contact en proberen het contact te herstellen. Op deze manier doe je als kind patronen op.

Vaak gaat het dan over (vaak onbewuste) overtuigingen die achter patronen zitten, zoals: “IK ben het niet waard, ik doe het ook altijd fout, ik ben minder, ik mag er niet zijn”.

“Als IK maar… lief, rustig, slim, grappig…. genoeg ben, mag ik er zijn/ kan mijn moeder het aan/ is het thuis gezellig en rustig/……..”

Ook al is dit niet de waarheid geweest, het is wel wat jij als kind onbewust als jouw waarheid bent gaan aannemen.

Het is niet DE waarheid, maar wel jouw waarheid die jij als kind zo ervaren hebt.

Elke keer als dit weer gebeurt, doe je een ervaring op die dit bekrachtigt en zo ontstaan uiteindelijk patronen. Soms hebben je ouders echt iets nagelaten en hebben ze niet goed voor je gezorgd. Veel vaker heb je ouders gehad die niet perfect waren, maar toch hun ontzettende best hebben gedaan, en dan is het heel helpend om te begrijpen waarom je toch zulke hardnekkige patronen hebt: het is ook niet DE waarheid, maar wel jouw waarheid die jij als kind zo ervaren hebt.

Een alledaags voorbeeld van een subtiel patroon

 

Ik herinner me een moment met mijn twee dochters dat me hier weer aan deed denken. Mijn oudste was nog bezig met allerlei dingetjes zoals meisjes van 11 jaar dat doen en had haar bedtijd uitgesteld. Omdat ik moe was en enigszins geïrriteerd door haar getreuzel maar nog wel speciaal voor haar glutenvrije koekjes wilde bakken omdat ze ’s middags verdrietig was geweest, zei ik haar wat kortaf welterusten en ging ik naar beneden. Vijf minuten later kwam ze met een sip gezicht naar de keuken en zag ik dat ik dat verkeerd had aangepakt. Even later lag ik alsnog bij haar, waarna ik uitlegde waarom ik geen tijd meer had genomen om bij haar te liggen. Toen zei ze opgelucht:

“Ik snapte al niet waarom je wel bij Renee wilde liggen, maar niet bij mij…”

Dit voorbeeld laat zien dat er niet altijd heftige dingen hoeven te gebeuren, om toch niet-helpende patronen op te bouwen. Ondanks alle keren dat ik wél bij haar had gelegen en ook voor haar nog in de keuken stond, had ze deze ervaring vertaald naar ‘zij wel, ik niet’. En moeilijk om voor mij als moeder toe te geven, maar: mijn irritatie had ze dus ook opgepikt. Voor haar was dit op dat moment de waarheid en betrok zij het op zichzelf. 

Precies zo werkt het met de overtuigingen die wij zelf als kind ontwikkelen: we zijn ontzettend gevoelig voor de kleine signalen en ze voelen als De waarheid, ook al waren er in werkelijkheid veel meer nuances. En we blijven handelen naar die overtuigingen – totdat we ze als volwassene kunnen zien voor wat ze zijn en de nuances weer mogen ervaren.

Waarom is het zo lastig om deze patronen te doorbreken?

Deze patronen zijn niet zomaar gewoontes; ze zijn een manier geweest om jezelf zeker te stellen van het gevoel je geliefd en veilig te voelen (zo veel als in het gezin mogelijk was).

Je brein heeft deze mechanismen jarenlang als nuttig ervaren en zal ze niet zomaar loslaten. Sterker nog: je voelt je vaak heel onrustig en oncomfortabel als je niet langer je oude patronen volgt! Pas als je begrijpt waar ze vandaan komen en waarom ze ooit nuttig waren en jezelf leert gerust te stellen dat het in het hier & nu veilig is om je anders te gaan gedragen, kun je ze echt gaan veranderen.

Hoe kun je zelf patronen herkennen en doorbreken?

Als je wilt ontdekken welke subtiele patronen jou onbewust beïnvloeden en bijdragen aan burn-outklachten, kun je jezelf een aantal vragen stellen. Dit helpt je om inzicht te krijgen in de boodschappen die je in je jeugd hebt meegekregen:

  • Welke verbale boodschappen kreeg ik mee van mijn ouders of andere belangrijke volwassenen? Bijvoorbeeld: “Van hard werken gaat niemand dood.” “Doe maar normaal, dan doe je al gek genoeg.” “Wat ben jij toch lief.” “Je zus is de slimste hier in huis.” “Opgeven is geen optie.” “Je moet alles eruit halen wat er in zit.” “Niet lullen maar poetsen.” “Kom op, even doorbijten.”
  • Welke non-verbale boodschappen heb ik opgepikt? Welk voorbeeld hebben mijn ouders mij gegeven? Bijvoorbeeld: je neemt pas rust als het werk is gedaan. Je telt pas mee als je je hebt bewezen. Je zet jezelf niet voorop, maar zorgt eerst voor een ander. Jouw mening doet er niet toe. Je bent te veel. We streven naar het beste.
  • Hoe vertaalde ik als kind situaties waarin ik me afgewezen of niet gezien voelde?

    Bijvoorbeeld: ik ben het niet waard, ik doe het ook altijd fout, als ik maar rustig genoeg ben, ik kan alleen op mezelf vertrouwen, als ik mezelf echt laat zien ben ik te veel voor anderen.

  • Wat deed ik in situaties waarin ik me niet fijn of onveilig voelde? Bijvoorbeeld: mezelf klein of onzichtbaar maken, zorgen voor een ander, rebelleren, m’n best doen, enz.

  • Welke overtuigingen heb ik ontwikkeld over mezelf en mijn waarde?

Door hier bewust bij stil te staan, zet je de eerste stap naar verandering. Zonder bewustwording is er geen groei. 

En hoe werkt dat met ervaringen later in je leven?

Je ontwikkelt patronen in de eerste plaats binnen je gezin. Daar ontstaat de basis voor bepaalde overlevingsmechanismen. Later kunnen impactvolle gebeurtenissen, zoals ervaringen op school of in relaties, deze patronen versterken en verankeren. Gescheiden ouders kunnen verlatingsangst triggeren, die later wordt bevestigd door een knipperlichtrelatie en je vertrouwen verder schaadt. Je neiging om je rustig te houden in je gezin, kan ontzettend vergroot worden door pestgedrag op de basisschool. Wat ooit een manier was om je staande te houden, kan zo uitgroeien tot hardnekkig gedrag dat je als volwassene belemmert—totdat je het bewust doorbreekt.

Wil jij inzicht in jouw patronen en werken aan blijvend herstel van je burn-out of overspanning?

Vrouwen hebben vaak specifieke patronen die verschillen van die van mannen. Merk je dat je steeds vastloopt in dezelfde patronen en wil je ontdekken hoe je deze subtiele, onbewuste mechanismen kunt doorbreken? In ons behandeltraject voor vrouwen met burn-out en overspanning helpen we je om inzicht te krijgen in jouw patronen en te doorvoelen waarom ze ooit zo nodig waren, waarna je ze in alle liefde leert los te laten en om te buigen naar patronen die wél voor jou werken en zorgen voor duurzaam herstel van jouw burn-out of overspanning.

Wil jij werken aan meer rust, energie en balans in je leven? Plan een vrijblijvend gesprek en zet de eerste stap naar herstel!

Prinses Julianastraat 12 | 2671 EJ Naaldwijk | info@marloestimmers.nl